Zwanger

De vroege echo

De eerste controle vindt plaats rond acht weken. Dat is gerekend vanaf de eerste dag van je laatste menstruatie. We zullen dan een echo maken. Tijdens deze echo kijken we of het goed gaat met de zwangerschap. Deze echo is altijd vaginaal. Met 10-11 weken herhalen we de echo. Rond deze zwangerschapsduur bepalen we de termijn.

Het intake gesprek

bloeddrukmeterDe volgende afspraak vindt meestal plaats rond de 9e zwangerschapsweek. Als er vóór deze periode redenen zijn om je eerder te zien dan wordt de afspraak vervroegd. Deze afspraak zal bestaan uit een informatief gesprek en duurt ongeveer 40 minuten. We zullen vragen stellen over onder andere je medische en verloskundige voorgeschiedenis en de gezondheid van je partner. Ook is het van belang te weten of er erfelijke ziektes in de familie voorkomen. Tijdens het gesprek is er ruimte om dingen aan te geven die van belang kunnen zijn tijdens de begeleiding van je zwangerschap.

Als je het prettig vindt om je te kunnen voorbereiden op de vragen die wij gaan stellen, dan raden we je aan om te kijken op www.zwangerwijzer.nl. Hier worden alle belangrijke vragen met je doorgenomen en er wordt een persoonlijk overzicht van de antwoorden en bijzonderheden gegeven. Je kunt de resultaten van de vragenlijst meenemen naar het intakegesprek.

Tijdens het intakegesprek wordt er over diverse onderwerpen uitgebreid informatie gegeven. We geven bijvoorbeeld informatie over hoe je gezond zwanger kunt zijn, wat er in de zwangerschap geregeld moet worden en wat onze rol is tijdens de zwangerschap. Desgewenst geven we informatie over de verschillende mogelijkheden van prenataal onderzoek.

We hebben een boekje ontwikkeld waarin we alle informatie hebben gebundeld. Het informatieboekje krijg je na het intakegesprek mee. Hierin kun je informatie vinden over de zwangerschap, de bevalling, de kraamtijd en over de praktijk. Je kunt dus op elk gewenst moment de betreffende informatie lezen. Het boekje bevat ook je zwangerschapskaart. Op deze manier is het een compleet boekje met zowel de algemene informatie als de informatie en gegevens specifiek voor je zwangerschap.

Bij het intakegesprek krijg je een aanvraag voor bloedonderzoek mee om je bloedgroep en rhesusfactor te bepalen en te testen op irregulaire antistoffen, lues (syfilis, een geslachtsziekte), hepatitis B (leverziekte), HIV (geslachtsziekte) en je ijzer-en suikergehalte.

Vervolgcontroles

De vervolgcontroles zullen in het begin om de vijf weken plaatsvinden en elkaar daarna steeds sneller opvolgen. In de laatste periode van de zwangerschap controleren we je iedere week. De frequentie van de controles zal ook afhangen van het verloop van je zwangerschap. De gewone vervolgcontrole duurt circa 10 minuten en bestaat onder andere uit een aantal handelingen die iedere keer weer terug komen:

Bloeddruk
De waardes van deze meting worden weergegeven met een bovendruk en onderdruk. Bijvoorbeeld 110/60. Vooral de onderdruk is van belang. Een lage bloeddruk in de zwangerschap kan geen kwaad en is juist optimaal voor de uitwisseling van stoffen met je kind. Het kan wel vervelende klachten geven zoals duizeligheid. Een hoge bloeddruk maakt vaak wat extra zorg voor moeder en kind nodig.

Beoordelen van de groei van de baarmoeder

Hartslag baby verloskundigeBij elke controle wordt de groei van de baarmoeder gecontroleerd. Via de buik tasten we met de handen de baarmoeder af. Zo kunnen we controleren of je kind goed groeit. In de laatste maanden van de zwangerschap kunnen we ook de ligging van je kind bepalen en de mate van indaling. Bij elke controle wordt er naar het hartje van de baby geluisterd. Alle verkregen gegevens worden ingevuld op je zwangerschapskaart.





Overige onderzoeken
Naast de standaard controles zijn er ook onderzoeken die we incidenteel of op indicatie uitvoeren:

  • IJzergehalte
    Rond 30 weken bepalen we het ijzergehalte in je bloed. Dit doen we door een druppeltje bloed af te nemen met behulp van een vingerprikje.
  • Suikergehalte
    In een aantal situaties bepalen we rond de 26e zwangerschapsweek je suikergehalte.
  • Rhesus-antistoffen
    Bij vrouwen die Rhesus c-  of Rhesus D-negatief zijn, nemen we rond de 27e zwangerschapsweek bloed af voor onderzoek op de aanwezigheid van antistoffen tegen de Rhesus c- of D-factor. Vrouwen met bloedgroep Rhesus c- of D-negatief, die zwanger zijn van een Rhesus c- of D-positief kindje, lopen het risico tijdens de zwangerschap antistoffen tegen Rhesus c of D te maken. De kans op deze antistoffen is heel klein. De antistoffen worden vaak pas laat in de zwangerschap gevormd en daardoor gemist bij het eerste bloedonderzoek. Vandaar dat dit onderzoek rond de 27 weken nogmaals plaatsvindt bij alle Rhesus c- en Rhesus D-negatieve zwangeren. Meer informatie kun je vinden door hier te klikken.

Naast de lichamelijke onderzoeken is er iedere controle tijd om vragen te stellen of dingen te bespreken. Ook wij zullen regelmatig verschillende onderwerpen met je bespreken zoals de plaats van bevallen en de keuze van voeding voor de baby.